Fintech meets the regulators
- 22 mei
- 5 minuten om te lezen
Op 21 mei 2026 was ik aanwezig bij het seminar “Fintech meets the regulators” bij De Nederlandsche Bank. Een bijeenkomst over innovatie in de financiële sector, de rol van AI, nieuwe betaalvormen en de manier waarop toezicht en wetgeving daarop inspelen.
Wat mij vooral opviel, is dat de discussie over Fintech vaak blijft hangen in technologie: AI, automatisering, digitale klantprocessen, data en platforms. Maar de echte vraag zit dieper.
Niet: wat kan technologie allemaal? Maar: wat doet je oplossing juridisch, functioneel en maatschappelijk precies?
Dat onderscheid wordt steeds belangrijker. Zeker nu nieuwe Europese regels, zoals de herziene richtlijn consumentenkrediet CCD2 ervoor zorgen dat onder meer Buy Now, Pay Later, creditcards en roodstand onder strengere regels gaan vallen. De AFM geeft aan dat de nieuwe normen vanaf 20 november 2026 moeten worden toegepast. (AFM) Ook de Rijksoverheid bevestigt dat de CCD2-maatregelen uiterlijk vanaf die datum moeten ingaan. (Rijksoverheid)

Regulering loopt achter, maar heeft wel een functie
Tijdens het seminar werd duidelijk dat toezichthouders voor een lastige opdracht staan. Technologie ontwikkelt zich snel. Wetgeving beweegt trager. Dat is logisch, want regels moeten zorgvuldig, uitlegbaar en handhaafbaar zijn.
Toch ontstaat daardoor spanning. Fintech bedrijven bouwen vandaag oplossingen die vaak al verder zijn dan de kaders waarbinnen ze worden beoordeeld. Dat geldt zeker bij AI, betaaloplossingen en geautomatiseerde klantprocessen.
Maar regulering is niet alleen een rem. Goede regulering dwingt je ook om scherper na te denken over je propositie.
Wat bied je precies aan? Wie neemt het risico? Wie beslist? Wie blijft verantwoordelijk?Wanneer help je een klant, en wanneer verstrek je feitelijk krediet? Wanneer automatiseer je een proces, en wanneer neem je een financieel besluit?
Dat zijn precies de vragen die fintech volwassen maken.
Gesprek betalen als goed voorbeeld
Een concreet voorbeeld is BNPL Buy-now Pay-later ofte wel gespreid betalen.
Een betalingsregeling lijkt misschien op “gespreid betalen”. Maar juridisch en praktisch is er een groot verschil tussen:
vooraf een betaalmethode aanbieden waarmee iemand later mag betalen,
en:
achteraf een regeling treffen voor een bestaande openstaande vordering.
Dat verschil is essentieel.
Bij Buy Now, Pay Later krijgt een consument tijdens of direct na de aankoop de mogelijkheid om later te betalen. Dat is een betaalproduct. Daarom komt BNPL onder strengere regels te vallen. De Nederlandse implementatiewet van CCD2 regelt dat kredietvormen zoals BNPL, creditcards en roodstand onder strengere waarborgen gaan vallen. (Wetgevingskalender)
Een betalingsregeling achteraf is iets anders. Dan is er al een factuur, nota, boete of andere betalingsverplichting ontstaan. De klant heeft een bedrag openstaan en kan dat bedrag niet in één keer betalen. De regeling is dan geen betaalmethode bij aankoop, maar een manier om een bestaande schuld verantwoord af te lossen.
Dat is geen cosmetisch verschil. Het bepaalt hoe je je platform moet ontwerpen, hoe je communiceert en hoe je je juridisch positioneert.
Geen kredietproduct, maar software voor bestaande vorderingen
Bij onlinebetalen.nl is dat onderscheid belangrijk.
Wij bieden software aan organisaties die bestaande openstaande vorderingen willen opvolgen. Onze opdrachtgevers kunnen via het platform een klant de mogelijkheid geven om een betalingsregeling te treffen. Dat gebeurt achteraf, wanneer er al een factuur of betalingsverplichting bestaat.
onlinebetalen.nl verstrekt daarbij geen krediet. Wij schieten geen bedragen voor, nemen geen vorderingen over en betalen de schuldeiser niet alvast uit. Ook onze opdrachtgever wordt hierdoor geen kredietverstrekker. De opdrachtgever gebruikt software om een bestaande openstaande vordering zorgvuldig op te volgen.
Dat klinkt misschien als een nuance, maar in Fintech is juist die nuance belangrijk.
Want het verschil tussen een gereguleerd kredietproduct en een goed ingericht debiteurenproces zit niet alleen in techniek. Het zit in de rolverdeling, het moment waarop de regeling wordt aangeboden, de communicatie naar de klant en de vraag wie juridisch en economisch verantwoordelijk blijft.
Innovatie zit niet altijd in nieuwe betaalmiddelen
In Fintech wordt innovatie vaak gezocht in nieuwe betaalmethoden. Sneller betalen. Later betalen. In drie termijnen betalen. Betalen via een app. Betalen met één klik.
Maar soms zit echte innovatie juist in het beter afwikkelen van situaties die al bestaan.
Een openstaande factuur verdwijnt niet vanzelf. Een klant die niet in één keer kan betalen, wordt niet geholpen met alleen meer druk. En een organisatie is niet geholpen met handmatige afspraken die niet goed worden opgevolgd. Een digitale betalingsregeling kan dan veel waarde toevoegen:
De klant krijgt duidelijkheid: welk bedrag staat open, welke termijnen zijn mogelijk en wanneer moet er betaald worden.
De organisatie houdt controle: welke voorwaarden gelden, wanneer wordt een regeling automatisch toegestaan en wanneer moet een medewerker meekijken.
Het proces wordt beter vastgelegd: afspraken, betaalmomenten, herinneringen en gemiste termijnen zijn inzichtelijk en controleerbaar.
Dat is fintech op een praktische manier: niet omdat het proces spectaculair klinkt, maar omdat het beter, eerlijker en efficiënter wordt ingericht.
Van automatisering naar verantwoord procesontwerp
De volgende stap in Fintech is niet simpelweg meer automatiseren. De volgende stap is verantwoord procesontwerp.
Dat betekent dat technologie, juridische kaders en klantbelang vanaf het begin samen worden ontworpen.
Bij betalingsregelingen betekent dit bijvoorbeeld:
alleen aanbieden bij bestaande openstaande vorderingen;
duidelijk uitleggen dat het geen krediet of BNPL is;
geen bedragen voorschieten;
geen kredietrisico overnemen;
de opdrachtgever de voorwaarden laten bepalen;
uitzonderingen handmatig laten beoordelen;
alle stappen goed vastleggen;
kwetsbare klanten niet onnodig laten escaleren.
Dan wordt technologie geen truc om sneller te incasseren, maar een middel om beter debiteurenbeheer mogelijk te maken.
De rol van AI
Ook AI past in dit verhaal.
Veel organisaties gebruiken AI nu vooral voor klantcontact: e-mails samenvatten, vragen beantwoorden of berichten automatisch routeren. Dat is nuttig, maar het is nog geen fundamentele verandering. De echte waarde ontstaat wanneer AI helpt om processen slimmer te maken. Bijvoorbeeld door te signaleren welke dossiers aandacht nodig hebben, welke klanten waarschijnlijk willen betalen maar tijdelijk ruimte nodig hebben, of welke regeling mogelijk niet realistisch is.
Daarbij blijft de vraag niet alleen wat AI kan, maar vooral hoe je het verantwoord inzet.
AI mag ondersteunen, signaleren en adviseren. Maar bij gevoelige financiële processen moet altijd duidelijk blijven wie verantwoordelijk is, welke data wordt gebruikt en hoe beslissingen tot stand komen.
Dat is precies waar Fintech en regulering elkaar raken.
Mijn conclusie na het seminar
Het seminar bij De Nederlandsche Bank bevestigde voor mij dat Fintech en regulering niet tegenover elkaar hoeven te staan. Maar dan moeten fintechbedrijven wel veel scherper worden in hun positionering.
Niet elk uitstel is krediet.Niet elke betalingsregeling is BNPL. Niet elke automatisering is een financieel besluit.En niet elke innovatie vraagt om hetzelfde toezicht.
Maar het omgekeerde geldt ook: zodra een oplossing wél lijkt op krediet, financiering of een betaalmethode vooraf, moet je daar eerlijk over zijn en aan de juiste regels voldoen.
Voor mij zit de toekomst van Fintech daarom niet alleen in nieuwe technologie, maar vooral in betere definities, slimmere processen en transparante rolverdeling.
Een betalingsregeling achteraf is daar een goed voorbeeld van.
Goed ingericht is het geen kredietproduct, maar een verantwoord instrument om bestaande openstaande vorderingen af te wikkelen. Het helpt organisaties om grip te houden en geeft klanten een realistische route om alsnog te betalen.
Dat is precies het soort innovatie waar Fintech sterker van wordt: praktisch, uitlegbaar, controleerbaar en maatschappelijk relevant.



Opmerkingen